Geef terug wat je onrechtmatig hebt verkregen

“En wanneer Ik tot de goddeloze zeg: Gij zult zeker sterven, maar hij bekeert zich van zijn zonde en handelt naar recht en gerechtigheid. De goddeloze geeft een pand terug, vergoedt het geroofde, wandelt naar de inzettingen die doen leven, zodat hij geen onrecht meer bedrijft. Hij zal zeker leven, hij zal niet sterven. Eze. 33:14, 15

Het is nooit te laat om verkeerdheden recht te zetten. Toon dat je je bekeert hebt van je verkeerde handelingen door te herstellen wat je kan. Indien je iemand hebt schade berokkend, vergoedt het hem dan wanneer je het herinnert. Dan alleen kun je hopen op Gods liefdevolle vergiffenis.

“Brengt dan vruchten voort, die aan de bekering beantwoorden.” Lukas 3:8

Indien we voordeel hebben gehaald uit iemand door een onrechtvaardige zakentransactie, indien we ons hebben verrijkt door een verkeerde voorstelling van zaken, zelfs als dit binnen de bepalingen van de wet gebeurde, laten we dan deze verkeerdheden goed maken. Erken de fouten die begaan zijn en vereffent alles in de mate van het mogelijke.

Je kunt niet elke verkeerde zaak rechtzetten. Sommigen die jij schade hebt berokkend zijn soms niet meer bereikbaar of ze zijn gestorven. De schuld aan deze personen echter is niet verdwenen. Ze staat nog steeds aangetekend op jou naam. Het beste wat je in dit geval kan doen is een schuldoffer brengen aan de Heer (een offergave) en Hij zal het aannemen en je vergeving schenken. Maar waar het mogelijk is, moet je de benadeelden vergoeden.

Indien we onbewust een valse getuigenis hebben afgelegd, indien we de woorden van een ander verkeerd hebben aangehaald en zo de kracht van zijn invloed hebben verminderd dan moeten we onze woorden terugnemen bij degene tot wie we gesproken hebben.

“Wanneer hij nu aan een van deze dingen schuldig is, dan zal hij belijden, waarin hij gezondigd heeft.” Lev. 5:5

Indien er problemen zijn geweest, indien er afgunst, kwaadwilligheid, bitterheid of kwade vermoedens zijn geweest laten deze zonden dan beleden worden. Doe dit niet alleen voor God. Ga persoonlijk de broeders of zusters opzoeken. Wees concreet. Indien jij in een ding verkeerd hebt gehandeld en zij in twintig, belijdt dan je ene fout alsof jij de grootste schuldige was. Neem hen bij de hand, laat je hart vernederd zijn en zeg, “Wil je mij vergeven?”

De schuldigen weten welke zonden ze moeten belijden opdat hun zielen rein mogen zijn voor God.

 

Waak en bid

“Waakt en bidt, dat gij niet in verzoeking komt; de geest is wel gewillig, maar het vlees is zwak.” Markus 14:38

Sommigen vragen zich af of ze voortdurend waakzaam moeten zijn en zich in bedwang houden? We hebben inderdaad een groot werk te doen in het onderzoeken van ons eigen hart en het waakzaam aanschouwen van onze eigen persoon. We moeten leren zien waarin we falen en ons dan op dat punt waakzaam opstellen. We moeten streven naar een volmaakte beheersing van onze geest.

Elke impuls van ons wezen, elk vermogen van de geest en elke neiging van het hart moeten steeds onder de leiding staan van de Geest van God. Elke zegening die van God komt of  elke verzoeking die Hij toelaat in ons leven gebruikt Satan om ons te verleiden en ons lastig te vallen. Hij is er altijd op uit onze persoon te vernietigen, wanneer we hem daartoe de minste gelegenheid geven.

Wanneer donkere wolken ons omgeven, de omstandigheden ons in de verwarring brengen of  armoede en tegenslag onze weg kruisen, dan is de Satan daar om te verleiden en lastig te vallen. Hij valt de zwakke plekken in ons karakter aan. Hij probeert ons vertrouwen in God aan het wankelen te brengen, terwijl het God is die deze toestanden toelaat. We worden verzocht om God te wantrouwen en Zijn liefde in vraag te stellen. Dikwijls komt de verzoeker tot ons zoals hij tot Christus kwam. Hij richt ons op onze zwakheden en gebreken. Hij hoopt om de ziel te ontmoedigen en onze relatie met God te verbreken. Slaagt hij erin dan is hij zeker van zijn prooi.

Alleen in het besef van onze eigen zwakheid en door voortdurend op Jezus te zien kunnen we zeker wandelen.

“Nu wij door zo’n menigte geloofsgetuigen omringd zijn, moeten ook wij de last van de zonde, waarin we steeds weer verstrikt raken, van ons afwerpen en vastberaden de wedstrijd lopen die voor ons ligt. Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus, de grondlegger en voltooier van ons geloof: denkend aan de vreugde die voor hem in het verschiet lag, liet hij zich niet afschrikken door de schande van het kruis. Hij hield stand en nam plaats aan de rechterzijde van de troon van God.” Hebr. 12:1, 2

“En bidt daarbij met aanhoudend bidden en smeken bij elke gelegenheid in de Geest, daartoe wakende met alle volharding.” Ef. 6:18

Het gebed is de adem van de ziel. Het is het geheim van geestelijke kracht.

Om stand te kunnen houden tijdens beproevingen en de verleidingen te weerstaan, zocht Christus als mens kracht bij de Vader. Daarin moeten wij Zijn voorbeeld volgen. Dagelijks hebben we hulp en genade nodig van de Bron van alle kracht. We moeten ons in onze hulpeloosheid vastklampen aan de Ene die ons altijd kan helpen. Dikwijls vergeten we de Here. Het eigen ik geeft toe aan impulsen en verliest de overwinningen die het had kunnen behalen.

“Wees waakzaam, volhard in het geloof, wees moedig en sterk. Alles wat u doet, moet u met liefde doen. “ (NBV) 1 Cor. 16:13

Let erop dat je niet te vlug spreekt. Wees niet geïrriteerd en ongeduldig. Let erop dat er geen trots in je hart leeft. Let op dat je niet beheerst geraakt door zondige passies. Let op dat je niet lichtzinnig wordt en bezig bent met beuzelarij zodat je invloed niet meer ten leven is maar ten dode.

Pas op voor de heimelijke toenaderingen van de vijand. Pas op voor de oude gewoonten opdat ze niet terug de kop op steken. Onderdruk ze en blijf ze onderdrukken. Let op de loop van je gedachten, de plannen die je maakt opdat ze niet zelfzuchtig worden.

“Ziet toe, broeders, dat bij niemand uwer een boos, ongelovig hart zij, door af te vallen van de levende God,  maar vermaant elkander dagelijks, zolang men nog van een heden kan spreken, opdat niemand van u zich verharde door de misleiding der zonde.” Heb. 3:12, 13

“Laten wij de belijdenis van hetgeen wij hopen onwankelbaar vasthouden, want Hij, die beloofd heeft, is getrouw.” Heb. 10:23

“Daarom, geliefden, beijvert u in deze verwachting, onbevlekt en onberispelijk te blijken voor Hem in vrede.” 2 Petrus 5:8, 9

Als je steeds waakzaam blijft, en daarbij bidt, als je alles doet alsof je in de onmiddellijke nabijheid van God vertoefde, zul je kunnen standhouden tegen de verzoekingen en de zonde overwinnen tot het einde toe.

“Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden. Wederstaat hem, vast in het geloof.” 1 Petrus 5:8, 9

“Voorts, weest krachtig in de Here en in de sterkte zijner macht. Doet de wapenrusting Gods aan, om te kunnen standhouden tegen de verleidingen des duivels.” Ef. 6:10, 11

“Want wij hebben geen hogepriester, die niet kan medevoelen met onze zwakheden, maar een, die in alle dingen op gelijke wijze als wij is verzocht geweest, doch zonder te zondigen. Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de troon der genade, opdat wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden om hulp te verkrijgen te gelegener tijd.” Heb. 4:15, 16

Vraag, geloof en je zult ontvangen

“Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden. Want een ieder, die bidt, ontvangt, en wie zoekt, vindt, en wie klopt, hem zal opengedaan worden.” Matt. 7:7

“Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God.” Fil. 4:6

“Wij kunnen ons vol vertrouwen tot God wenden, in de zekerheid dat hij naar ons luistert als we hem iets vragen dat in overeenstemming is met zijn wil. En omdat we weten dat hij naar ons luistert, wat we hem ook vragen, weten we ook dat we alles al hebben gekregen wat we hem gevraagd hebben.” (NBV) 1 Joh. 5:14, 15

Bid in geloof. Zorg ervoor dat je leven in overeenkomst is met je gebeden, zodat je de zegeningen zou ontvangen waarvoor je bidt.

“Geliefden, als ons hart ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid tegenover God, en ontvangen wij van Hem al wat wij bidden, daar wij zijn geboden bewaren en doen wat welgevallig is voor zijn aangezicht.” 1 Joh. 3:21, 22.

“Want de HERE God is een zon en schild, de HERE geeft genade en ere; het goede onthoudt Hij niet aan hen die onberispelijk wandelen.” Psalm 84:11

“Want de ogen des Heren zijn op de rechtvaardigen, en zijn oren tot hun smeking, maar het aangezicht des Heren is tegen hen, die het kwade doen.” 1 Petrus 3:12

Dagelijks zijn er duizenden gebeden die God niet beantwoordt. Er zijn gebeden die in ongeloof gesproken worden. ‘Hij die tot God komt moet geloven dat Hij bestaat, en dat Hij een beloner is van zij die Hem ernstig zoeken.’ Er zijn zelfzuchtige gebeden die voortkomen uit een hart dat afgoden koestert. Er zijn gebeden van ergernis, klagende en sombere gebeden omwille van de lasten en zorgen van dit leven. Beter te bidden om de genade die ons in staat stelt alles in blijdschap te dragen. Zij die deze klagende gebeden tot God brengen verblijven niet in Christus. Zij hebben hun wil niet onderworpen aan Hem. Zij handelen niet overeenkomstig de voorwaarden van de belofte en daarom gaat ze voor hen ook niet in vervulling.

“Indien gij in Mij blijft en mijn woorden in u blijven, vraagt wat gij maar wilt, en het zal u geworden.” Joh. 15:7

“Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de troon der genade, opdat wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden om hulp te verkrijgen te gelegener tijd.” Heb. 4:16

Hij zal voor je zorgen

“Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u.” 1 Petrus 5:7

We proberen teveel voor onszelf te zorgen. We zijn onrustig en hebben niet genoeg vertrouwen in God. Velen maken zich zorgen en werken, bedenken van alles en maken plannen, vrezend dat ze niet zullen rondkomen. Ze vinden geen tijd om te bidden of om naar de samenkomsten te komen. Ze zorgen zodanig voor zich zelf dat God geen kans krijgt om voor hen te zorgen. En de Here doet niet veel voor hen want ze geven Hem daartoe geen gelegenheid.

Zorgen maken blind en kan de toekomst niet onderscheiden; maar Jezus ziet het einde vanaf het begin. Voor elke moeilijkheid heeft Hij een uitweg om tot een oplossing te komen. Hij zal niets goeds onthouden aan hen die in oprechtheid wandelen. Onze hemelse Vader heeft duizend wegen om ons tegemoet te komen in onze noden, wegen die wij niet zien. Zij die het principe naleven van God boven alles en eerst te dienen, zullen zien dat onoverkomelijke moeilijkheden verdwijnen en de weg geruimd wordt voor hun voeten.

“Maakt u dan niet bezorgd, zeggende: Wat zullen wij eten, of wat zullen wij drinken, of waarmede zullen wij ons kleden? Want naar al deze dingen gaat het zoeken der heidenen uit. Want uw hemelse Vader weet, dat gij dit alles behoeft. Maar zoekt eerst Zijn Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden.  Maakt u dan niet bezorgd tegen de dag van morgen, want de dag van morgen zal zijn eigen zorgen hebben; elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad.” Matt. 6:31-34

“Werp uw bekommernis op de HERE, Hij zal voor u zorgen; Hij zal nimmermeer toelaten, dat de rechtvaardige wankelt.” Psalm 55:22

Zij die geroepen zijn om grote verantwoordelijkheden te dragen in Gods werk, voelen dikwijls alsof zij grote lasten moeten dragen. Zij kunnen echter rust vinden in de kennis dat Jezus al deze lasten draagt. We staan onszelf toe om te veel zorgen, moeilijkheden en verwarringen te zien in het werk voor de Heer. We moeten op Hem vertrouwen, in Hem geloven en voorwaarts gaan.

“De standvastige is veilig bij u, vrede is er voor wie op u vertrouwt.” Jes. 23:6

Terug pagina 1 pagina 3