Bijbelstudies - De laatste dagen - Les 27

Omgaan met Gods eigendom

1. Wie behoort de wereld toe?
Psalm 24:1: "Van de HEER is de aarde en alles wat daar leeft,
de wereld en wie haar bewonen." (NBV)

2. Wat eist God voor zich op?
Psalm 50:10: "want Mij behoort al het gedierte van het woud, het vee op bergen, rijk aan runderen."

3. Wat betreffende de rijkdom van deze wereld?
Haggai 2:8: "Van Mij is het zilver en van Mij is het goud, luidt het woord van de HERE der heerscharen."

4. Het koninkrijk der hemelen is als een man die naar een ver land afreisde en wat deed?
Matteus 25:14: "Want het is als een mens, die bij zijn vertrek naar het buitenland zijn slaven riep en hun zijn bezit toevertrouwde."

"Zo moet men ons beschouwen: als dienaren van Christus, aan wie het beheer van de geheimenissen Gods is toevertrouwd..” 1Corinthiers 4:1

5. Wat gebeurt er met de schatten die op aarde zijn verzameld?
Matteus 6:19: "Verzamelt u geen schatten op aarde, waar mot en roest ze ontoonbaar maakt en waar dieven inbreken en stelen."

6. Wat moeten we doen met de rijkdom die ons werd toevertrouwd?
Matteus 6:20: "maar verzamelt u schatten in de hemel, waar noch mot noch roest ze ontoonbaar maakt en waar geen dieven inbreken of stelen."

7. Van wat getuigen onze investeringen?
Matteus 6:21: "Want, waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn."

8. Welke vraag zullen we stellen wanneer ons hart bij de Here is?
Psalm 116:12: "Hoe zal ik de HERE vergelden al zijn weldaden jegens mij?"

9. Wat zullen we met ons meebrengen wanneer we tot Hem komen?
Psalm 96:8: "Geeft de HERE de heerlijkheid van zijn naam, brengt offer en komt in zijn voorhoven."

10. Hoe groot zal onze gave zijn?
Deuteronomium 16:17: "ieder naar zijn vermogen, naar de zegen die de HERE, uw God, u gegeven heeft."

11. Wat gebeurt er wanneer we geven?
Lukas 6:38: "Geeft en u zal gegeven worden: een goede, gedrukte, geschudde, overlopende maat zal men in uw schoot geven. Want met de maat, waarmede gij meet, zal u wedergemeten worden."

12. Waarin hebben sommigen God beroofd?
Maleachi 3:8: "Mag een mens God beroven? Toch berooft gij Mij. En dan zegt gij: Waarin beroven wij U? In de tienden en de heffing (offerande of gave)."

Merk op dat tienden en gaven twee verschillende zaken zijn.

13. Wat gebeurt er wanneer ik God beroof?
Maleachi 3:9: " Met de vloek zijt gij vervloekt, en Mij berooft gij, gij volk in zijn geheel."

14. Aan wie behoort de tiende?
Leviticus 27:30: "Ook is alle tiende van het land, van het zaad des lands, van de vrucht van het geboomte, van de HERE; het is de HERE heilig."

15. Wat moeten we doen met wat God toebehoort?
Matteus 22:21: "Zij zeiden: Van de keizer. Toen zeide Hij tot hen: Geeft dan de keizer wat des keizers is, en Gode wat Gods is."

16. Is het goed tiende te geven en ook wat van groter belang is in de wet na te leven?
Matteus 23:23: "Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, gij huichelaars, want gij geeft tienden van de munt, de dille en de komijn en gij hebt het gewichtigste van de wet verwaarloosd: het oordeel en de barmhartigheid en de trouw. (23–24a) Dit moest men doen en het andere niet nalaten."

17. Hoe zouden we ons moeten voelen, wanneer we iets aan God geven?
1 Kronieken 29:14 (laatste deel): "Want het komt alles van U, en wij geven het U uit uw hand."


18. Wat gaf Abraham aan Melchizedek?
Genesis 14:20: "En hij gaf hem van alles de tienden."

Jezus is “naar de ordening van Melchisedek hogepriester geworden in eeuwigheid.”Hebreeen 6:20. Merk op dat het geven van tienden reeds in gebruik was bij Gods volk voor het bestaan van het Levitisch priesterschap.

19. Hoeveel is een tiende?
Hebreeen 7:1, 2: " Want deze Melchisedek, koning van Salem, priester van de allerhoogste God, die Abraham bij zijn terugkeer na het verslaan van de koningen tegemoet kwam en hem zegende, aan wie ook Abraham een tiende van alles gegeven heeft"

20. Hoeveel zal de Here geheiligd worden?
Leviticus 27:32: "En alle tienden van runderen of kleinvee, al wat onder de staf doorgaat, het tiende daarvan zal de HERE heilig zijn."

21. Welke belofte maakte Jakob aan God?
Genesis 28:22: "En deze steen, die ik tot een opgerichte steen gesteld heb, zal een huis Gods wezen, en van alles wat Gij mij schenken zult, zal ik U stipt de tienden geven."

22. Geven we de tiende aan God nadat we alles hebben betaald, of geven we eerst de tiende aan Hem?
Spreuken 3:9: "Vereer de HERE met uw rijkdom en met de eerstelingen van al uw inkomsten, dan zullen uw schuren met overvloed gevuld worden en uw perskuipen van most overstromen."

23. Aan wie werden de tienden van Israel gegeven?
Numeri 18:24: "want aan de Levieten geef Ik als erfdeel de tiende, die de Israelieten de HERE als heffing brengen; daarom heb Ik van hen gezegd: In het midden der Israelieten zullen zij geen erfdeel verkrijgen."

24. Door het volbrengen van welke dienst hadden zij het recht op het ontvangen van de tienden?
Numeri 18:21: "Wat nu de Levieten betreft, zie, Ik geef hun alle tienden in Israel als erfdeel, een vergoeding voor de dienst die zij verrichten, de dienst van de tent der samenkomst."

25. Van wat, zegt de Here, moeten zij die het evangelie verkondigen leven?
1 Corinthiërs 9:13, 14: "Weet gij niet, dat zij, die in het heiligdom de dienst verrichten, van het heiligdom eten, en zij, die het altaar bedienen, hun deel ontvangen van het altaar? Zo heeft de Here ook voor de verkondigers van het evangelie de regel gesteld, dat zij van het evangelie leven."

26. Naar waar moeten al de tienden gebracht worden?
Maleachi 3:10: "Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis. "

27. In wat moeten de tienden voorzien?
Maleachi 3:10: "Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis. "

“het huis Gods, dat is de gemeente van de levende God.”1 Timoteus 3:15.

28. Wat zal God doen, wanneer we getrouw de tiende aan Hem geven?
Maleachi 3:10, 11: "Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis; beproeft Mij toch daarmede, zegt de HERE der heerscharen, of Ik dan niet voor u de vensters van de hemel zal openen en zegen in overvloed over u uitgieten."

29. Wat belooft Hij nog meer?
Spreuken 3:10: " dan zullen uw schuren met overvloed gevuld worden en uw perskuipen van most
overstromen.
"

30. Op welke manier kun je een schat in de hemel bezitten?
Matteus 19:21: "Jezus zeide tot hem: Indien gij volmaakt wilt zijn, ga heen, verkoop uw bezit en geef het aan de armen, en gij zult een schat in de hemelen hebben."

31. Wat brengt een dergelijke investering op?
Spreuken 19:17: "Wie zich over de arme ontfermt, leent de HERE; Hij zal hem zijn weldaad vergelden."

32. Wat mogen we over God niet vergeten?
Deuteronomium 8:18: "Maar gij zult aan de HERE, uw God, denken, want Hij is het, die u kracht geeft om vermogen te verwerven, ten einde het verbond gestand te doen, dat Hij uw vaderen gezworen heeft, zoals dit heden het geval is."

33. Indien we niet zoveel bezitten als we zouden wensen, wat moeten we dan doen?
Hebreeen 13:5: "Laat uw wijze van doen onbaatzuchtig zijn, weest tevreden met wat gij hebt. Want Hij heeft gezegd: Ik zal u geenszins begeven, Ik zal u geenszins verlaten. "

“Beter is een weinig in de vreze des HEREN, dan een grote schat en onrust daarbij. ”Spreuken 15:16

“Wie geld liefheeft, wordt van geld niet verzadigd, noch wie rijkdom liefheeft, van inkomsten. Ook dit is ijdelheid. Bij het vermeerderen van het goed vermeerderen ook zij die het verteren; en wat is het gewin van de bezitter daarvan anders dan het toezien?” Predikere 5:10, 11.

“Nu brengt inderdaad de godsvrucht grote winst, indien zij gepaard gaat met tevredenheid. Want wij hebben niets op de wereld medegebracht; wij kunnen er ook niets uit medenemen. Als wij echter onderhoud en onderdak hebben, dan moet ons dat genoeg zijn. Maar wie rijk willen zijn, vallen in verzoeking, in een strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerten, die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang. Want de wortel van alle kwaad is de geldzucht. Door daarnaar te haken zijn sommigen van het geloof afgedwaald en hebben zich met vele smarten doorboord. Gij daarentegen, o mens Gods, ontvlucht deze dingen, doch jaag naar gerechtigheid, godsvrucht, geloof, liefde, volharding en zachtzinnigheid.
”1 Timoteus 6:6-11.

34. Waarop moeten we ons richten? En wat is er beloofd?
Matteus 6:33: " Maar zoekt eerst Zijn Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden."



In het licht van Gods Woord...(antwoord voor jezelf met ja of nee)

Ik begrijp dat God de tiende heeft bestemd voor de ondersteuning van het evangeliewerk, en dat een tiende van mijn inkomen aan Hem toebehoort, voor dat doel.

Ik begrijp dat God ook vrijwillige offers vraagt, naar de mate waarin Hij mij gezegend heeft, en dat deze offers tonen in hoeverre mijn hart naar Hem uitgaat.

Ik kies ervoor om getrouw te zijn in het geven van tienden en gaven omwille van Gods liefde voor mij.

Heb je nog vragen? e-mail

Volgende les: Gods bijzonder volk



 

Terug