Bijbelstudies - De laatste dagen - Les 20

Gods geboden blijven onveranderd



“Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt; zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de HERE, uw God; dan zult gij geen werk doen, gij noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch uw dienstmaagd, noch uw vee, noch de vreemdeling die in uw steden woont.
Want in zes dagen heeft de HERE de hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte op de zevende dag; daarom zegende de HERE de sabbatdag en heiligde die."
Het vierde gebod, Exodus 20:8-11

1. Kunnen er wijzigingen aangebracht worden aan wat God doet?
Prediker 3:14: "Ik heb ingezien, dat al wat God doet, voor eeuwig is; daaraan kan men niet toedoen en daarvan kan men niet afdoen; en God doet het, opdat men voor zijn aangezicht vreze."

2. Blijven Zijn eisen uit het verleden ook nu nog gelden?
Prediker 3:15: "Wat is, was er reeds lang, en wat zijn zal, is reeds lang geweest; en God zoekt weer op, wat voorbijgegaan is."

3. Hoe lang blijft iets wat God gezegend heeft, gezegend?
1 Kronieken 17:27: "Want Gij, HERE, hebt het gezegend, daarom zal het gezegend zijn voor altijd."

4. Wat kan ik niet doen wanneer Hij gezegend heeft?
Numeri 23:20: "Zie, ik heb bevel ontvangen te zegenen, en zegent Hij, dan keer ik het niet."

5. Waarom zegende de Here de zevende dag?
Exodus 20:11: " Want in zes dagen heeft de HERE de hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte op de zevende dag; daarom zegende de HERE de sabbatdag en heiligde die."

6. Door wie schiep God de wereld?
Hebreeen 1:2: "Nadat God eertijds vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had in de profeten, heeft Hij nu in het laatst der dagen tot ons gesproken in de Zoon, die Hij gesteld heeft tot erfgenaam van alle dingen, door wie Hij ook de wereld geschapen heeft."

7. Hoe groot was Jezus' betrokkenheid bij het scheppingsgebeuren?
Colossenzen 1:16: "want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen; en Hij is voor alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem."

8. In welke relatie staat Jezus tot de Sabbat?
Mattheüs 12:8: "Want de Zoon des mensen is heer over de sabbat."

9. Wat weten wij over onze Heer?
Hebreeen 13:8: "Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid."

10. Over welke dag was Jezus bekommerd toen Hij veertig jaar vooruitzag na de kruisiging?
Mattheüs 24:20: "Bid, dat uw vlucht niet in de winter valle en niet op een sabbat."

De sabbat van de zevende dag wordt in het Nieuwe Testament 59 maal vernoemd. En nergens zegt de Bijbel dat God de heiligheid ervan heeft opgeheven. Daartegenover vinden we in het Nieuwe Testament slechts acht verwijzingen naar de eerste dag. Maar in geen enkel geval wordt door de Bijbel enige heiligheid aan deze dag verbonden.

11. Wat is volgens Paulus de basis van de sabbatsrust?
Hebreeen 4:4: "Want Hij heeft ergens van de zevende dag aldus gesproken: En God rustte op de zevende dag van al zijn werken"

12. Van welke geschriften geloofde Paulus alles?
Handelingen 24:14: "Maar dit erken ik voor u, dat ik naar die weg, die zij een secte noemen, inderdaad de God der vaderen vereer, gelovende al hetgeen in de wet en in de profeten geschreven staat,"

Met de wet en de profeten verwijst Paulus naar de geschriften van het Oude Testament

13. Op welke dag ging Paulus naar het huis van aanbidding?
Handelingen 13:14: "Doch zelf gingen zij van Perge verder en kwamen te Antiochie in Pisidie, en op de sabbatdag in de synagoge gegaan zijnde, namen zij plaats."

14. Wanneer wilden de heidenen dat hij tot hen zou spreken?
Handelingen 13:42: "En toen zij vertrokken, verzochten zij hun tegen de eerstvolgende sabbat weder deze woorden te spreken."

15. Wie kwam er de volgende sabbat luisteren naar het woord Gods?
Handelingen 13:44: "En de volgende sabbat kwam bijna de gehele stad bijeen om het woord Gods te horen."

16. Op welke dag had men een gebedsbijeenkomst?
Handelingen 16:13: "En op de sabbatdag gingen wij de poort uit, de rivier langs, waar wij verwachtten, dat een gebedsplaats zou zijn; en nedergezeten, spraken wij tot de vrouwen, die samengekomen waren.

17. Hoe vertelt de Bijbel ons dat het samenkomen op sabbat om gezamelijk God te aanbidden, een gewoonte was van Paulus?
Handelingen 17:2: "En Paulus ging, zoals hij gewoon was, daar binnen en behandelde drie sabbatten achtereen met hen gedeelten uit de Schriften."

18. Hoe dikwijls sprak Paulus vanuit de Schrift tot de Joden en de Grieken?
Handelingen 18:4: " En hij hield elke sabbat besprekingen in de synagoge en trachtte Joden en Grieken te overtuigen.

19. Hoe grondig was het onderwijs van Paulus?
Handelingen 20:27: "want ik heb niet nagelaten u al de raad Gods te verkondigen."

Paulus verkondigde hen al de raad van God maar nooit zei hij iets over de heiligheid van de zondag.

20. Waaruit zouden mensen komen die verkeerde dingen spreken?
Handelingen 20:30: "en uit uw eigen midden zullen mannen opstaan, die verkeerde dingen spreken om de discipelen achter zich aan te trekken."

21. Tot welke groep van mensen sprak hij?
Handelingen 20:17: "Maar hij zond iemand van Milete naar Efeze en ontbood de oudsten der gemeente."

22. Wanneer zou dit gebeuren?
Handelingen 20:29: "Ik weet dat er na mijn vertrek woeste wolven bij u zullen binnendringen, die de kudde niet zullen ontzien."

Ook Petrus voorspelde de komst van valse leraren in de kerk die "verderfelijke ketterijen" zouden binnenbrengen in de gemeente. (2 Petrus 2:1)

23. Wat was de macht die Daniel in een visioen zag opkomen van plan te veranderen?
Daniel 7:25: "Hij zal woorden spreken tegen de Allerhoogste, en de heiligen des Allerhoogsten te gronde richten; hij zal er op uit zijn tijden en wet te veranderen"

24. Welke gebeurtenis zei Paulus zou er plaatsvinden voor het einde van de wereld?
2 Thessalonicenzen 2:3: "Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval komen en de mens der wetteloosheid zich openbaren, de zoon des verderfs..."

25. Hoe noemde hij degene die de leiding zou nemen in deze afval?
2 Thessalonicenzen 2:3: "Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval komen en de mens der wetteloosheid zich openbaren, de zoon des verderfs..."

Bestudeer zorgvuldig 2 Thessalonicenzen 2:1-12. deze mens der wetteloosheid die zou maken dat de kerk afvallig werd zou zichzelf in de plaats van God stellen (vers 4) Deze geheimenis van de wetteloosheid was reeds werkzaam in de dagen van Paulus maar kon zich niet ten volle ontwikkelen zolang een andere macht bestond (vers 7). Merk op dat deze afvalligheid heel wat leerstellige misleidingen met zich mee zou brengen (verzen 9-12). De profetische ontwikkeling van de afval is het onderwerp van de volgende twee lessen.

26. Tot wat wil God, die alle mensen wil verlossen, dat alle mensen zouden komen?
1 Timotheüs 2:4: "God, onze Heiland, die wil, dat alle mensen behouden worden en tot erkentenis der waarheid komen."

27. Om welke flauwe redenen verwerpen sommigen Gods geboden?
Marcus 7:9: "En Hij zeide tot hen: Het gebod Gods stelt gij wel fraai buiten werking om uw overlevering in stand te houden."

Niet alleen van brood zal de mens leven, maar van alle woord, dat uit de mond Gods uitgaat.(Mattheüs 4:4)

28. God slaat geen acht op de tijd dat we Hem niet kenden maar wat beveelt Hij ons nu?
Handelingen 17:30: "God dan verkondigt, met voorbijzien van de tijden der onwetendheid, heden aan de mensen, dat zij allen overal tot bekering moeten komen"

29. Hoe zou ik moeten reageren op het horen van de waarheid?
Psalm 119:60: "Ik haast mij en aarzel niet om uw geboden te onderhouden."

Verdieping van dit onderwerp vindt u in het supplement bij deze les.



In het licht van Gods Woord...(antwoord voor jezelf met ja of nee)

Ik begrijp dat Jezus de wereld heeft geschapen en dat Hij de sabbat van de zevende dag apart heeft gezet.

Ik begrijp dat noch Jezus noch Zijn apostelen de sabbat hebben opgeheven of een andere dag in de plaats hebben gesteld.

Ik kies er voor om het voorbeeld van Jezus te volgen en de sabbat te heiligen.

Heb je nog vragen? e-mail

Volgende les: Winden, golven en dieren uit de zee

Supplement bij les 20

Een antwoord op uw vragen betreffende de dag des Heren.

De sabbat is een bijzondere dag
Zondagsviering in de Schrift
Paulus en de sabbat
De Joden en de sabbat
De bijzondere zegen van de sabbat
De sabbat en veranderingen aan de kalender



De sabbat is een bijzondere dag.

De gedachte wordt wel eens geuit dat het er niet op aan komt welke dag van de zeven we als rustdag nemen. De Bijbel echter geeft ons nergens deze vrijheid om zomaar een dag uit de zeven te kiezen.

God zegende een welbepaalde dag als herdenking van een gebeurtenis die op deze dag plaatsvond tijdens de scheppingsweek. We kunnen een dag die God niet heeft geheiligd als heilig houden. We kunnen geen zegen ontvangen van een dag die God niet heeft gezegend.

De enige plaats waar enige betekenis wordt gegeven aan het heiligen van de zondag is de tradities van de mensen.

Jezus vroeg, "Waarom overtreedt ook gij ter wille van uw overlevering zelfs het gebod Gods?” “Zo hebt gij het woord Gods van kracht beroofd ter wille van uw overlevering." “Tevergeefs eren zij Mij, omdat zij leringen leren, die geboden van mensen zijn."
Mattheüs 15:3, 6, 9.

Exodus 16 geeft het verslag van een ervaring die God aan Zijn volk gaf om uit te maken "of het al dan niet wandelt naar mijn wet." (vers 4). Gedurende veertig jaar werd door de dagen waarop het manna viel een onderscheid gemaakt tussen de sabbat en de andere dagen.

Maar sommige mensen behandelden de sabbat zoals de andere dagen. Sommige behandelden andere dagen als de sabbat. Toen zei de Here, "Hoelang weigert gij mijn geboden en wetten te onderhouden?" (vers 28).

Hieruit blijkt duidelijk dat het vierde gebod niet kan vervuld worden door God te aanbidden en te doen wat bevolen wordt in het vierde gebod op een andere dag dan de dag die in dat gebod wordt bepaald.

HET MAAKT WEL EEN VERSCHIL

Twee bomen in het midden van de tuin groeiden op dezelfde wijze. Maar het maakte wel een verschil van welke boom Eva de vrucht at, en het verschil wordt door ons allen vandaag nog gevoeld.

Het maakte wel een verschil welk offer werd gebracht door Abel en Kain. De Here aanvaardde het offer van Abel maar dat van Kain niet.

Het soort vuur dat gebracht werd bij het offeren van Nadab en Abihu maakte wel een verschil alhoewel ze bij zichzelf dachten, "is het ene vuur niet even goed als het andere."

David kende goed de voorschriften die God had gegeven voor het verplaatsen van de ark, maar hij verwaarloosde enige ervan wat de dood van Uzzah als gevolg had.

“Waarom moet ik mijzelf in de Jordaan onderdompelen?" vroeg de melaatse Naaman geergerd. "Zijn de rivieren van Damascus niet veel beter?" Nee, Naaman, ze zijn niet goed genoeg.

“En waarom moet ik mij zeven maal onderdompelen? Is eenmaal niet voldoende om het wonder tot stand te brengen?" Indien Naaman de specifieke aanwijzingen niet had opgevolgd dan was hij even ziek naar huis teruggekeerd.

Wanneer God specifieke instructies geeft voor het vervullen van een taak dan verwacht Hij dat we die zullen uitvoeren zoals Hij bevolen heeft.

Wanneer Hij ons vraagt iets te doen op een door Hem welbepaalde manier dan is het niet Zijn bedoeling dat we daar verandering in brengen om tegemoet te komen aan wat anderen erover denken.

Hij specificeert dikwijls details die voor Hem uiterst belangrijk zijn, maar die mensen van weinig belang achten en naar eigen inzicht veranderen.

Al Gods richtlijnen hebben hun bedoeling. We weten niet altijd wat deze bedoelingen zijn maar onze enige veiligheid ligt in het volgen van elk woord dat van God uitgaat.

Zondagsviering vindt in de Schrift geen enkele ondersteuning.

Indien Jezus een andere dag dan de zevende dag voor aanbidding had ingesteld dan zou dat toch duidelijk in de Schrift moeten vermeld staan. Het houden van de sabbat op de zevende dag was een heel belangrijk element in de godsdienstbeleving van Gods volk in het Oude Testament waarover de Schrift duidelijke aanwijzingen bevat. Indien de zondag de plaats van de sabbat van de zevende dag heeft ingenomen zouden daar heel duidelijke aanwijzingen voor moeten zijn.

Het woord "zondag" komt niet voor in de Bijbel. Deze dag wordt aangeduid met "de eerste dag van de week." Laat ons al de verwijzingen naar de "eerste dag van de week" in het Nieuwe Testament van naderbij bekijken. Er zijn er maar acht.

Mattheüs 28:1: "Laat na de sabbat, tegen het aanbreken van de eerste dag der week, ging Maria van Magdala en de andere Maria het graf bezien."
Deze tekst zegt niets meer dan dat de twee Maria's op de eerste dag van de week naar het graf gingen. Niets wordt hier gezegd over de heiligheid van de zondag. De tekst toont ons dat de sabbat de dag is die voor de zondag komt.

Marcus 16:2: "En zeer vroeg op de eerste dag der week gingen zij naar het graf, toen de zon opging."
Deze tekst vermeld dezelfde gebeurtenis en vermeld ook niets over de heiligheid van de zondag.

Marcus 16:9: "Toen Hij des morgens vroeg op de eerste dag der week opgestaan was, verscheen Hij eerst aan Maria van Magdala, van wie Hij zeven boze geesten uitgedreven had."
Hier wordt gezegd dat Jezus verrees op de eerste dag van de week, maar niets wijst erop dat de eerste dag een bijzondere dag van aanbidding wordt.

Lucas 24:1: "maar op de eerste dag der week gingen zij reeds vroeg in de morgenstond met de specerijen, die zij gereedgemaakt hadden, naar het graf."
Dezelfde informatie als Mattheüs en Marcus.

Johannes 20:1: "En op de eerste dag der week ging Maria van Magdala vroeg, terwijl het nog donker was, naar het graf en zij zag de steen van het graf weggenomen."
Hier lezen we over het eerste bezoek van Maria Magdalena aan het graf "terwijl het nog donker was." Ook hier wordt niets gezegd over een verandering in het vierde gebod.

Johannes 20:19: "Toen het dan avond was op die eerste dag der week en ter plaatse, waar de discipelen zich bevonden, de deuren gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus en stond in hun midden en zeide tot hen: Vrede zij u!"
Later op dezelfde dag verscheen Jezus aan de discipelen. Waarom waren ze samengekomen? De Bijbel zegt, "uit vrees voor de Joden." Niets wordt gezegd over enige heiligheid die aan deze dag verbonden zou zijn.

De Bijbel ondersteunt niet het houden van de zondag ter ere van Christus' opstanding. De enige Bijbelse instelling ter ere van de opstanding is de doop (zie Romeinen 6). Geen enkele ander aandenken aan deze gebeurtenis wordt door de Schrift geautoriseerd.

Handelingen 20:7: "En toen wij op de eerste dag der week samengekomen waren om brood te breken, hield Paulus een toespraak tot hen en, daar hij van plan was de volgende dag te vertrekken, zette hij zijn rede voort tot middernacht."
Een groep gelovigen was samengekomen "om brood te breken," wat volgens Handelingen 2:46 een dagelijkse gebeurtenis was. Terwijl ze samen waren, "hield Paulus een toespraak tot hen en, daar hij van plan was de volgende dag te vertrekken, zette hij zijn rede voort tot middernacht." Dit is het enige verslag van een godsdienstige bijeenkomst op de eerste dag van de week. Niemand zal beweren dat deze ene gebeurtenis voldoende ondersteuning geeft voor het veranderen van de sabbatsheiliging naar de zondagsheiliging.Vooral omdat over Corinthiërs wordt gezegd dat er gedurende een jaar en zes maanden op "elke sabbat" een godsdienstige bijeenkomst werd gehouden. (Handelingen 18:4, 11)

Een nader onderzoek van onze tekst in Handelingen 20:7 maakt duidelijk dat zelfs hier niets gezegd wordt over een samenkomst op zondagmorgen. Het was op de eerste dag van de week maar gedurende het duistere gedeelte van de dag (lees de gehele kontekst). Een Bijbelse dag gaat van zonsondergang tot zonsondergang en niet van middernacht tot middernacht zoals bij ons gebeurt (Genesis 1:5, 8, enz.). Deze samenkomst vond dus plaats op de zaterdagavond!

Volgens het bijbelverhaal was de reden van de samenkomst het vertrek van Paulus de volgende morgen. Later vertelde hij de Efeziërs, "En nu, zie, ik weet, dat gij mijn aangezicht niet meer zien zult."(vers 25).
Alles in beschouwing genomen, beseffen we dat elke poging om deze passage te gebruiken voor de opheffing van Gods duidelijke gebod, "de zevende dag is de sabbat van de HERE, uw God." (Ex. 20:10) geen enkel grond heeft om op te steunen.

Op de zondag bij het ochtendgloren begon Paulus aan zijn 30 km lange voetreis naar Assos wat toont dat hij geen enkele bijzondere achting had voor die dag.

1 Corinthiërs 16:2: "elke eerste dag der week legge ieder uwer naar vermogen thuis iets weg, en hij spare dit op, opdat er niet eerst na mijn komst inzamelingen moeten gehouden worden."
Deze tekst zegt niets over een godsdienstige samenkomst en ook helemaal niets over de verering van de zondag als een heilige dag. Volgens deze tekst is de eerste dag van de week de dag waarop men zich bezig houdt met de persoonlijke financiële zaken. Bij het begin van elke week werd het de Christenen aangewezen om iets apart te leggen. Zijn gave voor God moest niet willekeurig zijn maar gepland en berekend volgens het inkomen. Indien God de heiligheid van de sabbat had overgebracht naar de zondag of eerste dag van de week dan zou Paulus geen aanbevelingen betreffende financiële aangelegenheden hebben gegeven.

We hebben nu elke bijbelse vermelding van de eerste dag van de week van naderbij bekeken! En, zoals je zelf hebt kunnen zien is er geen enkele aanwijzing voor een verandering van sabbatsviering naar zondagsviering. Een dergelijke verandering kan in de hele Schrift niet gevonden worden. "Iedere gave, die goed, en elk geschenk, dat volmaakt is, daalt van boven neder, van de Vader der lichten, bij wie geen verandering is of zweem van ommekeer." (Jakobus 1:17).

Paulus en de sabbat

Sommigen hebben beweerd dat de apostel Paulus ons geleerd heeft om God's vierde gebod te negeren. Ze gebruiken twee teksten om deze bewering te ondersteunen: Romeinen 14:5, 6: "Deze immers stelt de ene dag boven de andere, gene stelt ze alle gelijk. Ieder zij voor zijn eigen besef ten volle overtuigd. Wie aan een bepaalde dag hecht, doet het om de Here, en wie eet, doet het om de Here, want hij dankt God; en wie niet eet, laat het na om de Here en ook hij dankt God."
Colossenzen 2:16, 17: "Laat dan niemand u blijven oordelen inzake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat, dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl de werkelijkheid van Christus is."

Laten we eerst even nadenken vooraleer deze teksten te bespreken. Indien Paulus de opgave van het gebod van de sabbat van de zevende dag zou hebben aanbevolen, zouden we mogen verwachten daar vele en intense discussies over te vinden in het Nieuwe Testament. "geen gering verzet en tegenspraak," (Hand. 15:2) ontstond rond de kwestie van de besnijdenis. Waar zien we ergens tekenen van een strijd over de sabbat? We vinden er geen.

Wanneer de Joden de gelegenheid hadden om Paulus te beschuldigen konden ze niet vinden tegen hem! (Lees Handelingen 21:33, 34; Handelingen 24:5, 6, 12, 13; Handelingen 25:7, 18, 19, 25, 27.) Indien Paulus de sabbat had overtreden, een misdaad waarop de doodstraf stond (Exodus 31:14, 15; 35:2; Numeri 15:32-36), dan zouden de Joden daar zeker een ernstige zaak van gemaakt hebben.

Zoals u zich zult herinneren is Paulus degene die zei dat de wet de maatstaf is waarmee iedereen zal geoordeeld worden (Romeinen 2:12), dat het degene zijn die de wet doen die gerechtvaardigd zullen worden (Romeinen 2:13), dat het breken van de wet God oneer aandoet (Romeinen 2:23), en dat de wet heilig is, rechtvaardig en goed (Romeinen 7:12). “Stellen wij dan door het geloof de wet buiten werking? " vraagt hij in Romeinen 3:31. "Volstrekt niet; veeleer bevestigen wij de wet." In handelingen 21:24 wordt Paulus door Jakobus en de ouderlingen te Jeruzalem bevestigd door de woorden "dat ook jij doet wat de wet voorschrijft." De getuigenis van Paulus zelf ondersteunt dit feit: "Ik heb noch tegen de wet der Joden noch tegen de tempel, noch tegen de keizer iets misdreven." (Handelingen 25:8). (Zie ook Handelingen 25:10; 26:22; 28:17)

Wat dan is de betekenis van de twee teksten die men in vele gevallen naar voor brengt om te beweren dat de sabbat niet meer moet gehouden worden?
Romeinen 14:5, 6: "Deze immers stelt de ene dag boven de andere, gene stelt ze alle gelijk. Ieder zij voor zijn eigen besef ten volle overtuigd. Wie aan een bepaalde dag hecht, doet het om de Here, en wie eet, doet het om de Here, want hij dankt God; en wie niet eet, laat het na om de Here en ook hij dankt God."

Deze passage zegt eigenlijk niets over de sabbat. Een zorgvuldige lezing van de kontekst laat ons zien dat de discussie gaat over eten of niet eten. Het vierde gebod zegt niets over eten of vasten. Dit is een geheel andere kwestie.

In Bijbelse tijden was vasten voor velen een gewoonte. Marcus vertelt ons "En de discipelen van Johannes en de Farizeeën hielden hun vasten." (Marcus 2:18). De Farizeeën in Lukas 18:12 vastten tweemaal per week. Een oude Joodse verhandeling over vasten, Megillath Ta'anith, vertelt over Joden die gedurende die periode regelmatig vastten op de tweede en vijfde dag van de week, dat is op maandag en donderdag. De Didache, die later geschreven werd, waarschuwt Christenen om niet te vasten met de hypocrieten op de tweede en vijfde dag van de week, maar dit te doen op de vierde en zesde dag (Didache 8:1).

Paulus zegt, "Deze immers stelt de ene dag boven de andere, gene stelt ze alle gelijk. Ieder zij voor zijn eigen besef ten volle overtuigd." Let dan op vers 6. "Wie aan een bepaalde dag hecht" is dan degene die "niet eet." en wie zich niet aan een bepaalde hecht is degene die "eet".

De kontekst maakt dus duidelijk dat Paulus hier niet de kwestie van de sabbat behandelt.

Colossenzen 2:16, 17: "Laat niemand u iets voorschrijven op het gebied van eten en drinken of het vieren van feestdagen, nieuwemaan en sabbat. Dit alles is slechts een schaduw van wat komt–de werkelijkheid is Christus."

Deze tekst wordt gebruikt omdat Paulus zich hier uitspreekt over feestdagen en sabbatdagen. De bewering wordt gemaakt dat Paulus hier zegt dat het vierde gebod niet langer geldig is voor de Christen. Een nadere kijk op de tekst laat ons echter zien dat Paulus hier niet verwijst naar de sabbat van de zevende dag.

In vers 17 zegt hij heel duidelijk dat hij het heeft over sabbat die een schaduw is van wat komt en dat is Christus. Het gaat dus over sabbatdagen die heenwijzen naar het werk dat Christus doet voor de redding van de mens.

Deze "schaduwen" werden ingesteld omwille van het zondeprobleem. De sabbat van de zevende dag behoort niet tot deze categorie van sabbatdagen. Zij werd ingesteld voor de intrede van de zonde (vergelijk Genesis 2 met Genesis 3), en heeft geen inherent verband met het verlossingsproces. De sabbat van de zevende dag werd niet gegeven als een schaduw van de komdende verlosser; ze werd ingesteld als een verwijzing naar de Schepper die Zijn werk al had beëindigd. Deel uitmakende van de morele wet, en geen verband hebbende met de ceremoniële schaduwwetten is de sabbat van de zevende dag niet de dag waarover Paulus het in de tekst heeft.

Wat wilde Paulus dan wel duidelijk maken? Waren er nog andere sabatten naast de wekelijkse sabbatdag? Ja, Leviticus 23 vermeldt zeven jaarlijkse ceremoniële sabbatten. Omdat deze sabbatten verbonden waren aan vaste data kwamen ze elk jaar voor op verschillende dagen van de week.
Bij deze samenkomsten hoorde een "spijsoffer" en een "plengoffer" (Leviticus 23:13, 18, 37) vandaar de woorden "eten" en "drinken" in Colossenzen 2:16.

Het woord "sabbat" betekent "rust." Een sabbat is een dag waarop men rust van zijn gewone werk. Elke jaarlijkse sabbat die vermeld wordt in Leviticus 23 wordt vergezeld met de woorden, "generlei slaafse arbeid zult gij verrichten." behalve de Grote Verzoendag. Dit was de plechtigste en meest betekenisvolle van alle jaarlijkse sabbatten. Op deze dag was bevolen, "Generlei arbeid zult gij verrichten."(vers 31)."Ieder die enige arbeid verricht op die dag, zal Ik verdelgen uit het midden van zijn volk." (vers 30).

De eerste drie ceremoniële sabbatten waren schaduwen van gebeurtenissen die verbonden waren met Christus' werk op aarde. De laatste vier verwezen naar gebeurtenissen die verband hielden met Christus' afsluitingswerk in het heiligdom. (Zie lessen 15 en 17 voor meer informatie over Christus' werk in het heiligdom)

Om een onderscheid te maken tussen de jaarlijkse sabbatten en de wekelijkse sabbat zei God tot Mozes, “Dit zijn de feesttijden des HEREN, waarop gij heilige samenkomsten zult uitroepen... behalve de sabbatten des HEREN..." Leviticus 23:37, 38. Dit onderscheid was nog steeds gekend in de dagen van Paulus. Wanneer hij zei "en sabbat. Dit alles is slechts een schaduw van wat komt." wist iedereen waarover Paulus het had.

Ceremoniële sabbatdagen uit het O.T.
Gebeurtenis Datum Leviticus 23
Eerste dag van het feest van de ongezuurde broden 15 de dag van de eerste maand verzen 5, 6, 7, 11
Zevende dag van het feest van de ongezuurde broden 21 ste dag van de eerste maand vers 8
Pinksteren 50ste dag na de morgen van de 15de van de eerste maand verzen 15, 16, 21
De bazuinen 1ste dag van de zevende maand verzen 24, 25
Grote Verzoendag 10de dag van de zevende maand verzen 27-32
Loofhuttenfeest 15de dag van de zevende maand verzen 34, 25, 39
8ste dag van het loofhuttenfeest 22ste dag van de zevende maand verzen 36, 39
De 'timing' van Christus' offer
Jezus' ervaring
Gekruisigd als Lam van God
Datum
14de dag van de eerste maand
Ceremoniële dag
Pascha
Dag van de week
Voorbereidingsdag (vrijdag)
Teksten
Ex. 12:21-28, Johannes 1:29, 1Cor. 5:7
Jezus' ervaring
Rust in het graf
Datum
15de dag van de eerste maand
Ceremoniële dag
Eerste dag van het feest van de ongezuurde broden
Dag van de week
Dubbele sabbat, hoogdag (zaterdag)
Teksten
Num. 28:17, 18; Johannes 19:31
Jezus' ervaring
Opgewekt als eersteling
Datum
16de dag van de eerste maand
Ceremoniële dag
Offeren van garve, eerste vrucht van de oogst
Dag van de week
Eerste dag van de week (zondag)
Teksten
Lev. 23:10, 11; 1Cor 15:22, 23; Lukas 24:1-3



De Joden en de sabbat

Jezus kwam dikwijls in conflict met de Joodse autoriteiten betreffende de sabbat. De strijd ging niet over de vraag of de sabbat moest gehouden worden. Jezus zei, "gelijk Ik de geboden mijns Vaders bewaard heb." Johannes 15:10. De discussie ging over wat op de sabbat "geoorloofd" was. Matteus 12:12. De Joodse rabbies hadden van de sabbat een last gemaakt door honderden zelfgemaakte regels die nooit door God waren geautoriseerd. De sabbat die bedoeld was als een zegen was een sleur geworden. Indien Jezus zich naar deze menselijke tradities had gevoegd zou Hij bevestigd hebben dat menselijk gezag het recht heeft te bepalen hoe men Gods geboden moet gehoorzamen.

Alhoewel Jezus' voorbeeld van sabbatsviering de woede van de Farizeeën opwekte, vinden we nergens dat Hij Gods wet overtrad of Zijn volgelingen iets in die zin onderwees. Wanneer iemand de boodschap van Christus aannam, kon men nog altijd van die persoon zeggen, zoals van Ananias, dat hij "een godvruchtig man naar de wet " (Handelingen 22:12) was. De Christelijke leiders zeiden tot Paulus, "Gij ziet, broeder, hoevele duizenden er onder de Joden gelovig zijn geworden en allen zijn zij ijveraars voor de wet." Handelingen 21:20.

De benoeming "Joods Sabbat" kan nergens in de Schriften gevonden worden. Nergens wordt naar de sabbat verwezen als naar de "sabbat van de Joden." De Bijbel spreekt over de sabbat als "de sabbat van de Here." God noemt het "Mijn heilige dag."

Jesaja 58:13, 14: "Wanneer je je voeten rust gunt op sabbat
en geen handel drijft op mijn heilige dag,
wanneer je de sabbat als een dag van vreugde ziet,
de dag van de HEER als een heilige dag,
wanneer je hem in ere houdt door niet je gang te gaan,
geen handel te drijven of zaken te bespreken, dan vind je vreugde in de HEER.

1. De sabbat werd ingesteld bij de schepping, 2000 jaar voor er sprake was van Joden.

2. De sabbat werd gemaakt voor de mens. Marcus 2:27.

3. Merk op welke heidenen door God werden aangenomen in hun aanbidding.
Jesaja 56:6, 7: " En de vreemdelingen die zich bij de HERE aansloten om Hem te dienen, en om de naam des HEREN lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn, allen die de sabbat onderhouden, zodat zij hem niet ontheiligen, en die vasthouden aan mijn verbond: hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken."
Volgens dit vers kunnen alleen de heidenen die de sabbat houden en vasthouden aan Gods verbond de vreugde ervaren van de ware aanbidding.

De sabbat behoort niet tot een bepaald ras of volk maar zij behoort tot God en allen die zich met Hem verbinden.

De bijzondere zegen van de sabbat

God zegende niet alleen de sabbat (Exodus 20:11), maar Hij belooft ook een zegen aan allen die de sabbat eren. "Welzalig de sterveling die dit doet, en het mensenkind dat daaraan vasthoudt; die acht geeft op de sabbat, zodat hij hem niet ontheiligt, en acht geeft op zijn hand, zodat zij niets kwaads doet. Laat dan de vreemdeling die zich bij de HERE aansloot, niet zeggen: De HERE zal mij zeker afzonderen van zijn volk; en laat de ontmande niet zeggen: Zie, ik ben een dorre boom.Want zo zegt de HERE van de ontmanden, die mijn sabbatten onderhouden en verkiezen wat Mij behaagt en vasthouden aan mijn verbond: Ik geef hun in mijn huis en binnen mijn muren een gedenkteken en een naam, beter dan zonen en dochters; Ik geef hun een eeuwige naam, die niet uitgeroeid zal worden.
En de vreemdelingen die zich bij de HERE aansloten om Hem te dienen, en om de naam des HEREN lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn, allen die de sabbat onderhouden, zodat zij hem niet ontheiligen, en die vasthouden aan mijn verbond: hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken." Jesaja 56:2-7


De sabbat overleeft veranderingen aan de kalender

Sommigen vragen zich af of de huidige zevende dag van de week nog dezelfde is als de zevende dag bij de schepping. Er bestaat geen twijfel over de dag waarop het sabbat was in het Nieuwe Testament omdat de Schepper toen zelf op de aarde was. Zijn gewoonte bevestigde de sabbat die de Joden ten allen tijde hadden gehouden als de ware dag des Heren. Waar mensen hun twijfels over hebben is de periode die daarna kwam. Hoe kunnen we er zeker van zijn dat de telling van de dagen niet veranderd is geweest sinds de tijd van Jezus. We zullen vijf bewijzen zien voor de onveranderlijkheid van de weekdagen.

1. De kalender

Toen Jezus op aarde was gebruikte men de "Julian Kalender" genaamd naar Julius Caesar, die 44 jaar voor de geboorte van Christus stierf. Het grootste nadeel van deze kalender was dat ze een jaar precies als 365 1/4 dagen lang beschouwde. De tijd heeft ons echter getoond dat een zonnejaar elf minuten en veertien seconden korter is dan het Julian jaar. Na een aantal eeuwen zou de kalender niet meer samenlopen met de seizoenen.
Men ontdekte dat het noodzakelijk was om uitzonderingen toe te voegen aan het schrikkeljaar dat gebruikt werd in de Julian kalender. In de plaats van om de vier jaar een schrikkeljaar te hebben stelde men vast dat het noodzakelijk was om het schrikkeljaar dat landde op het begin van een eeuw zoals het jaar 1700, 1800 en 1900 over te slaan. De uitzondering op deze uitzondering kwam voor wanneer de eeuw deelbaar was door 400, zoals het jaar 1600 en 2000.

Tussen 1582 en 1923 pasten de verschillende naties van de wereld geleidelijk hun kalenders aan en brachten ze terug op de juiste tijd. De Katholieke naties waren de eerste die de verandering invoerden. Paus Gregorius XIII gaf zijn goedkeuring aan de verandering in oktober 1582 waar men tien dagen uit de kalender liet wegvallen. Door oktober 5-14 te laten schrappen uit de kalender van het jaar werd de datum teruggebracht naar waar ze werkelijk hoorde.

Deze verandering betrof enkel de datums van die maand, en had geen enkel effect op de wekelijkse cyclus. De vijfde dag van de week, donderdag 4 oktober 1582 werd gevolgd door de zesde dag van de week, vrijdag 15 oktober 1582. De wekelijkse cyclus werd niet onderbroken.

Oktober 1582

Zondag==Maandag==Dinsdag==Woensdag==Donderdag==Vrijdag==Zaterdag
==========1=======2========3=======4========15======16
17========18======19========20======21=======22======23

In andere landen werd de aanpassing pas later aangebracht: Engels-sprekende landen in 1752, Japan in 1873, China in 1912, Turkije en Rusland in 1917, Servië in1919, en Griekenland in 1923. Telkens werd het nummer van de datum van de maand aangepast, maar de dagen van de week bleven onveranderd. In Engeland en haar kolonies werd de vierde dag van de week, woensdag 2 september 1752, gevolgd door de vijfde dag van de week, donderdag 14 september 1752.

Omdat niet alle landen de aanpassing op hetzelfde moment doorvoerden, verschilden de datums van de maand van land tot land gedurende meer dan 300 jaar. Maar een ding bleef voor allen onveranderlijk - de wekelijkse cyclus. Ze hadden allen hun eigen kalender; maar als het sabbat was in Rusland, was het sabbat in Duitsland, Engeland, Italië en op elke ander plaats in de wereld. De Encyclopedia Britannica noemt het de "onveranderlijke uniformiteit van de week."

2. Het Joodse volk
De Joden hebben de sabbat altijd zorgvuldig bijgehouden. Een verandering zou niet aan hun aandacht ontsnapt zijn.

3. Katholieke Traditie
De Katholieke Kerk is ontstaan in de eerste eeuwen van het Christelijk tijdperk. Een verandering in de dagen van de week kan niet ongemerkt hebben plaatsgevonden zonder enig commentaar van de Katholieken. Maar hun geschriften maken geen gewag van een verandering. Ze hebben de identiteit van de eerste dag van de week (zondag) even getrouw bewaard als de Joden.

4. De talen van de mens

Hier is een fascinerend bewijs van een wereldwijde, langdurige en diepzittende erkenning van de zevende dag. In meer dan 100 talen is de naam voor de dag die wij zaterdag noemen "sabbat." Hier volgen enkele voorbeelden:
Pools: Sobota
Grieks: Sabbaton
Russisch: Subbata
portugees: Sabbado
Spaans: Sabbado
Italiaans: Sabbato

5. Het wetenschappelijk verslag van de astronomen

“We hebben de gelegenheid gehad om het resultaat van de werken van de deskundigen in chronologie te onderzoeken en nooit hebben we onder hen ook maar enige twijfel gevonden betreffende de continuïteit van de wekelijkse cyclus.... De kalenders hebben in de afgelopen eeuwen geen verandering ondergaan die de wekelijkse cyclus heeft beinvloed." Dr. A. James Robertson, Director, American Ephemeris, Navy Department, U.S. Naval Observatory, Washington, D.C.

“In zoverre ik weet, hebben de verschillende aanpassingen van de kalender geen verandering gebracht in de cyclus van de zevendagenweek die reeds sinds mensenheugenis bestaat." Sir Frank W. Dyson, Astronomer Royal, Royal Observatory, Greenwich, London.

“Het is een vreemd feit dat er zelfs vandaag zo veel verwarring bestaat over de vraag van de zogenoemde 'verloren tijd.' Veranderingen die in het verleden aan de kalender werden aangebracht hebben de indruk gewekt dat men de juiste tijd uit het oog heeft verloren. De veranderingen echter beoogden altijd het doel om de juistheid van de tijd te behouden. Jammer genoeg wordt de veronderstelling van de 'verloren tijd' nog altijd gebruikt om twijfel te zaaien over de ononderbroken cyclus van de sabbat van de zevende dag die God bij de schepping heeft ingesteld. Ik ben blij dat ik de getuigenis van mijn wetenschappelijke training kan toevoegen aan de onveranderlijke natuur van de wekelijkse cyclus.

“Gedurende vele jaren was ik tijdscomputer te Greenwich en ik kan ervan getuigen...dat al onze dagen onder Gods absolute controle staan - onafgebroken gemeten door de dagelijkse rotatie van de aarde rond haar as. Deze dagelijkse periode van rotatie verschilt geen duizendste deel van een seconde in duizend jaar...Sinds de schepping is er geen dag verloren gegaan, en niettegenstaande de vele aanpassingen van de kalender is de wekelijkse cyclus onveranderd gebleven." Dr. Frank Jeffries, Research Director of the Royal Observatory, Greenwich, England.

“De continuïteit van de week ... is zonder twijfel de oudste wetenschappelijke instelling die ons uit de oudheid werd nagelaten." Edouard Baillaud, Director of the Paris Observatory.

Zelfs indien alle aantekeningen van de tijd plotseling verloren zouden gaan, kunnen de astronomen de juiste tijd terug ontdekken door de posities van de sterren te berekenen die God op hun plaats heeft gezet " tot aanwijzing zowel van vaste tijden als van dagen en jaren." Genesis 1:14.

Omdat God ons gevraagd heeft de Sabbat te heiligen, heeft Hij er ook voor gezorgd dat er geen verwarring aangaande deze dag zou ontstaan.
1

Terug