![]() |
||
|---|---|---|
|
| ||
De naderende strijd Al vanaf het eerste begin van de grote strijd in de hemel was het Satans bedoeling om Gods wet af te schaffen. Daarom kwam hij in opstand tegen de Schepper. Hoewel hij toen uit de hemel werd verbannen, zette hij de strijd voort op aarde. Hij heeft er altijd naar gestreefd de mens te misleiden om hem op die manier Gods wet te laten overtreden. Of dit nu wordt bereikt door de hele wet opzij te schuiven of door één van haar geboden te verwerpen, het resultaat is uiteindelijk hetzelfde. Want wie "op één punt" struikelt, bewijst alleen al daardoor dat hij de hele wet veracht. Zijn invloed en voorbeeld dragen het stempel van de overtreding. Hij is "schuldig geworden aan alle (geboden)." (Jacobus 2:10). Satan heeft de mens met minachting voor Gods inzettingen willen vervullen en heeft daarom de leerstellingen van de Schrift verdraaid; daardoor zijn er dwalingen opgenomen in het geloof van duizenden mensen die zeggen dat ze in de Bijbel geloven. De laatste grote strijd tussen waarheid en dwaling is slechts de laatste fase van de eeuwenoude strijd om Gods wet. Wij staan nu aan de vooravond van deze strijd tussen de wetten van mensen en de geboden van God, tussen de godsdienst van de Bijbel en de godsdienst van fabels en overleveringen. De krachten die in deze strijd zullen samenwerken tegen waarheid en gerechtigheid zijn nu al volop bezig. Als de mens de waarheid verwerpt, verwerpt hij ook de Bron van de waarheid. Als hij Gods wet overtreedt, verwerpt hij ook het gezag van de Wetgever. Velen hebben de filosofie tot afgod verheven en haar in Gods plaats gesteld, terwijl de levende God, zoals Hij geopenbaard is in zijn Woord, in Christus en in de schepping, maar door weinigen wordt aanbeden. Duizenden vergoddelijken „de Natuur", terwijl ze de God van de natuur verwerpen. De afgodendienst, die in de christelijke wereld van vandaag even vaak voorkomt als in het oude Israël ten tijde van Elia, is alleen van gedaante veranderd. De god van vele zogenaamd wijze mannen, filosofen, dichters, politici, en schrijvers - de god van de beschaafde, toonaangevende kringen, van vele universiteiten en hogescholen en zelfs van sommige theologische instellingen - is niet veel beter dan Baal, de zonnegod van de Feniciërs. Geen enkele dwaling die de christelijke wereld is binnengeslopen, doet meer afbreuk aan Gods gezag, geen enkele is meer in strijd met de rede, geen enkele heeft zulke verderfelijke gevolgen, als juist de moderne theorie die zeer snel ingang vindt - de theorie die zegt dat Gods wet niet meer bindend is voor alle mensen. Het is veel makkelijker te begrijpen dat landen hun eigen wetten afschaffen en hun onderdanen maar laten doen wat ze willen, dan dat de Heerser van het heelal zijn wet zou afschaffen en de wereld aan haar lot zou overlaten zonder maatstaf om de schuldigen te veroordelen en de onschuldigen te beschermen. Kunnen we de gevolgen kennen van de afschaffing van Gods wet? Men heeft het experiment al gedaan. Het is onbeschrijfelijk wat zich heeft afgespeeld in Frankrijk toen het atheïsme de overhand kreeg. De wereld merkte toen dat wanneer de mens de beperkingen die God heeft opgelegd, overboord gooit, hij de macht van de wreedste tirannen daarmee aanvaardt. Wanneer de maatstaf van de rechtvaardigheid wordt verworpen, staat de weg open voor de vorst van de duisternis om zijn macht op aarde te vestigen. Overal waar Gods geboden worden verworpen, wordt de zonde niet meer als zonde beschouwd en verlangt men niet meer naar gerechtigheid. Zij die zich niet willen onderwerpen aan Gods heerschappij kunnen ook hun eigen leven niet organiseren. Door hun verderfelijke leer wordt de geest van opstandigheid geplant in de harten van de kinderen en van de jeugd, die van nature geen gezag dulden. Zo ontstaat een wetteloze, losbandige samenleving. Terwijl men de spot drijft met de lichtgelovigheid van de mensen die Gods geboden gehoorzamen, aanvaarden velen blindelings de misleidingen van Satan. Ze geven zich volledig over aan hun eigen lusten en doen de zonden die Gods oordeel over de heidenen hebben gebracht. Zij die de mensen leren dat ze Gods geboden niet zo ernstig hoeven te nemen, zaaien ongehoorzaamheid en zullen ongehoorzaamheid oogsten. Als men zich niet meer stoort aan de beperkingen die Gods wet oplegt, zal men zich heel vlug ook niets meer aantrekken van menselijke wetten. God verbiedt hun oneerlijke praktijken, hun begeerte, leugens en bedrog, daarom zijn de mensen bereid zijn wet met voeten te treden. Ze vinden dat Gods geboden hun materiële voorspoed in de weg staan. Maar de gevolgen van de verwerping van deze geboden zijn erger dan zij wel denken. Met het vierde gebod zou ook het vijfde worden afgeschaft. Kinderen zouden er niet voor terugdeinzen hun ouders van het leven te beroven als zij daardoor de begeerte van hun verdorven hart konden bevredigen. De beschaafde wereld zou een horde van rovers en moordenaars worden. Vrede, rust en geluk zouden van de aarde worden gebannen. De theorie dat men Gods geboden niet meer hoeft te gehoorzamen, heeft al geleid tot de verzwakking van het moreel normbesef en heeft de sluizen van de ongerechtigheid over de wereld geopend. Wij worden overspoeld door een vloedgolf van wetteloosheid, losbandigheid en corruptie. De rechtbanken zijn corrupt. Politici worden gedreven door winstbejag en wellust. De geesten van velen zijn door onmatigheid verduisterd, zodat Satan ze bijna geheel in zijn macht heeft. Juristen laten zich omkopen en passen allerlei bedrieglijke praktijken toe. Dronkenschap, braspartijen, hartstochten, naijver en oneerlijkheid op allerlei gebied komen voor bij hen die de wetten moeten uitvoeren. „Het recht wordt teruggedrongen en de gerechtigheid blijft van verre staan, want de waarheid struikelt op het plein en oprechtheid vindt geen ingang" (Jesaja59:14). De ongerechtigheid en de geestelijke duisternis die overheersten onder de heerschappij van Rome waren het onvermijdelijke gevolg van haar onderdrukking van de Bijbel. Wat is de oorzaak van het algemene ongeloof, de verwerping van Gods wet en het daaruit voortvloeiende zedenverval, terwijl we toch leven in een tijd van godsdienstvrijheid waarin het licht van het evangelie ongehinderd kan schijnen? Toch beweren juist deze mensen dat het snel toenemende zedenverval grotendeels te wijten is aan de ontheiliging van de zogenaamde „christelijke sabbat", en dat de verplichte viering van de zondag de samenleving op een hoger moreel peil zou brengen. Dit wordt vooral beweerd in Amerika, waar men de leer van de ware sabbat op zeer grote schaal heeft verkondigd. In Amerika wordt één van de belangrijkste morele hervormingen - de actie voor matigheid - vaak samen met de actie voor zondagsheiliging gevoerd. De voorstanders van de zondagsviering beweren dan dat ze de hoogste belangen van de samenleving dienen. Wie niet met hen wil samenwerken, wordt gebrandmerkt als een vijand van de matigheid en van de morele hervorming. Maar het feit dat een actie waardoor men een dwaling wil verspreiden op hetzelfde ogenblik gevoerd wordt als een actie die op zichzelf goed is, is geen argument ten gunste van de dwaling. Satan zal de mensen verleiden door twee grote dwalingen: de onsterfelijkheid van de ziel en de zondagsheiliging. Terwijl de eerste dwaling de grondslag is van het spiritisme, brengt de tweede een vriendschapsband tot stand met Rome. De protestanten van de Verenigde Staten zullen de eersten zijn om het spiritisme over de kloof de hand te reiken. Ze zullen zich over de afgrond buigen om de handen ineen te slaan met de macht van Rome. Onder invloed van dit drievoudig verbond zal Amerika in het voetspoor van Rome lopen en de gewetensvrijheid aan banden leggen. Naarmate het spiritisme het zogenaamde christendom van tegenwoordig meer benadert, nemen zijn kansen om de mensen te misleiden en te verstrikken ook toe. Volgens de „moderne" opvattingen heeft zelfs Satan zich bekeerd. Hij zal verschijnen als een engel des lichts. Door de werking van het spiritisme zullen wonderen worden verricht, zullen zieken worden genezen en zullen nog vele andere onmiskenbare wonderen worden gedaan. De geesten zullen beweren dat ze in de Bijbel geloven en zullen de inzettingen van de kerk eerbiedigen. Daarom zal hun werk worden aanvaard als een uiting van Gods kracht. De scheidingslijn tussen mensen die zich christenen noemen enerzijds en de goddelozen anderzijds is al bijna niet meer te zien. Kerkleden hebben lief wat de wereld liefheeft en zijn bereid zich bij die wereldse mensen aan te sluiten. Satan wil ze wel samenbrengen in één lichaam om zodoende zijn eigen zaak te bevorderen door allen mee te slepen in de gelederen van het spiritisme. De rooms-katholieken die wonderen als het bewijs van de ware kerk beschouwen, zullen gemakkelijk door deze wonderdoende macht worden misleid. Maar ook de protestanten, die het schild van het geloof hebben weggeworpen, zullen worden misleid. Rooms-katholieken, protestanten en wereldlingen zullen een schijn van godsvrucht vertonen, maar de kracht daarvan verloochenen. Ze zullen hun verbond beschouwen als een belangrijke stap in de richting van de bekering van de wereld en de oprichting van het lang verwachte duizendjarige rijk. Satan doet zich door middel van het spiritisme voor als de weldoener van de mensheid. Hij geneest zieken en verkondigt dat hij een nieuwe en betere godsdienst wil invoeren, maar intussen zet hij ook zijn vernietigend werk voort. Zijn verzoekingen storten talloze mensen in het verderf De rede wordt door de onmatigheid onttroond en dit leidt tot de bevrediging van wellust, tot strijd en bloedvergieten. Satan schept buitengewoon veel behagen in oorlog en strijd, want ze zwepen de laagste hartstochten op en jagen hun slachtoffers in zonde gedompeld en met bloed doordrenkt, de dood in. Hij hitst de volken op om oorlog te voeren, want dan kan hij de gedachten van de mensen afleiden van hun voorbereiding om te kunnen staan op de dag des Heren. Satan gebruikt ook de natuurelementen om zijn oogst van onvoorbereide zielen binnen te halen. Hij heeft de geheimen van de laboratoria van de natuur bestudeerd en gebruikt al zijn krachten om de elementen te beheersen, voor zover God dat toelaat. Hoe vlug waren runderen, schapen, knechten, huizen en kinderen weggevaagd toen het hem werd toegestaan Job te kwellen: de ene ramp volgde onmiddellijk op de andere! God beschermt zijn schepselen en bouwt een muur rondom hen om ze te beveiligen tegen de macht van de verdelger. Maar de christelijke wereld heeft Gods wet veracht en de Here zal precies doen wat Hij heeft gezegd: Hij zal zijn zegeningen en zijn beschermende hand terugtrekken van de aarde en van de mensen die in opstand komen tegen zijn wet en zijn onderrichtingen, en anderen verplichten hetzelfde te doen. Satan oefent zijn macht uit over iedereen die God niet op een bijzondere wijze bewaakt. Sommigen zal hij begunstigen en bevoordelen om zijn eigen plannen te bevorderen en over anderen zal hij verdrukking brengen en hun doen geloven dat hun kwelling van God komt. Terwijl hij zich voordoet als de grote heelmeester van de mensheid die alle ziekten kan genezen, zal hij ziekten en rampen veroorzaken, waardoor dichtbevolkte steden worden verwoest en een troosteloze aanblik bieden. Hij is daar nu al mee bezig. Satan oefent zijn macht uit door ongelukken en rampen te land en ter zee, door geweldige branden, door ontzettende tornado's en zware hagelstormen, door stormen, overstromingen, cyclonen, vloedgolven en aardbevingen op vele plaatsen en in vele vormen. Hij vernietigt de te velde slaande gewassen waardoor er hongersnood en ellende komt. Hij verontreinigt de lucht met dodelijke stoffen en duizenden komen om door deze verpesting. Deze rampen zullen in de toekomst steeds vaker voorkomen en steeds noodlottiger worden. Mens en dier zullen worden vernietigd. „De aarde treurt, verwelkt; (...) de hoogsten van het volk des lands kwijnen weg. Want de aarde is ontwijd door haar bewoners, omdat zij de wetten hebben overtreden, de inzetting ontdoken, het eeuwig verbond verbroken." (Jesaja24:4, 5). Dan zal de aartsbedrieger de mensen overtuigen dat zij die God dienen al deze rampen veroorzaken. De mensen die Gods gramschap zelf hebben uitgelokt, zullen al hun moeilijkheden toeschrijven aan Gods kinderen die door hun gehoorzaamheid aan Gods geboden een voortdurende veroordeling zijn voor de overtreders. De mensen zullen zeggen dat God beledigd is omdat ze de zondag niet willen heiligen en dat deze zonde de rampen heeft veroorzaakt, die pas zullen ophouden wanneer de zondagsviering aan iedereen zal zijn opgelegd. Ze zullen beweren dat zij die menen dat het vierde gebod moet worden onderhouden, en daardoor afbreuk doen aan de zondagsheiliging, rustverstoorders zijn en het herstel van Gods gunst aan de mensen en hun materiële welvaart in de weg staan. Zo zal de beschuldiging die al in het verleden tegen één van Gods boodschappers is ingebracht, worden herhaald op dezelfde gronden: „Zodra Achab Elia zag, zeide Achab tot hem: Zijt gij daar, gij, die Israël in het ongeluk stort? Doch hij zeide: Ik heb Israël niet in het ongeluk gestort, maar gij en uws vaders huis, doordat gij de geboden des HEREN hebt verzaakt en de Baals zijt nagelopen" (l Koningen 18:17,18). Wanneer de boosheid van de mensen door valse beschuldigingen zal zijn opgewekt, zullen ze Gods gezanten op bijna dezelfde manier behandelen als het afvallige Israël Elia aangepakt heeft. De wonderdoende kracht van het spiritisme zal worden gebruikt tegen hen die liever God dan de mensen gehoorzamen. De geesten zullen beweren dat God hen heeft gezonden om de mensen die de zondag niet willen heiligen van hun dwaling te overtuigen. Ze zullen er de nadruk op leggen dat de wetten van het land moeten worden gehoorzaamd als wetten die van God komen. Ze zullen de goddeloosheid in de wereld aanklagen en de uitspraken van de godsdienstige leiders dat het zedenverval volledig aan de ontheiliging van de zondag te wijten is, beamen. De woede tegen allen die hun beweringen niet geloven, zal groot zijn. Satan zal in deze eindstrijd tegen Gods volk dezelfde tactiek gebruiken die hij al heeft toegepast bij het begin van de grote strijd in de hemel. Hij beweerde toen dat hij ernaar streefde de stabiliteit van Gods heerschappij te bevorderen, terwijl hij eigenlijk in het geheim alles deed om haar omver te werpen. Hij beschuldigde de trouwe engelen juist van datgene waar hij mee bezig was. Onder de heerschappij van Rome werden de gelovigen die ter dood werden gebracht vanwege hun trouw aan het evangelie ook als boosdoeners beschouwd. Men zei dat ze bondgenoten van Satan waren en men gebruikte alle mogelijke middelen om hen met schuld te beladen, opdat zij door de mensen en ook door zichzelf als de ergste misdadigers zouden worden beschouwd. Dat zal nu weer gebeuren. Terwijl Satan degenen die Gods wet naleven probeert te vernietigen, zal hij er ook voor zorgen dat ze worden beschouwd als wetsovertreders, als mensen die God beledigen en zijn oordelen over de wereld brengen. God oefent nooit dwang uit op de wil of op het geweten, maar Satan neemt altijd zijn toevlucht tot dwang en wreedheid om de mensen die hij niet kan verleiden toch onder controle te krijgen. Hij wil door intimidatie en geweld het geweten beheersen en eerbied afdwingen. Om dit doel te bereiken gebruikt hij zowel kerkelijke als burgerlijke instanties en zet hen ertoe aan menselijke wetten uit te vaardigen die in strijd zijn met Gods wet. Gods kinderen die de sabbat van de Bijbel onderhouden zullen als vijanden van wet en orde worden aangeklaagd en zullen worden beschouwd als mensen die afbreuk doen aan de zedelijke normen van de samenleving en daardoor anarchie en zedenverval veroorzaken en Gods oordelen over de wereld laten komen. Men zal hun gewetensbezwaren beschouwen als koppigheid, hardnekkigheid en wetsverachting. Ze zullen worden beschuldigd van vijandigheid tegen de overheid. Wanneer de protestantse kerken de duidelijke, bijbelse argumenten ten gunste van Gods wet zullen verwerpen, zullen zij de mensen die ze niet op grond van de Bijbel kunnen weerleggen, het zwijgen willen opleggen. Hoewel ze dit feit ten stelligste ontkennen, volgen ze nu al een gedragslijn die zal leiden tot de vervolging van hen die op grond van hun geweten weigeren te doen wat de rest van de christelijke wereld wél doet: het erkennen van de rustdag die door de paus is ingesteld. De gezagsdragers van Kerk en Staat zullen samenspannen om alle groepen in de samenleving om te kopen, te overtuigen of te dwingen de zondag te heiligen. Het gebrek aan goddelijk gezag zal worden goedgemaakt door repressieve wetten.
|
||
| Terug | pagina 2 | pagina 4 |