Want het uur van Zijn oordeel is gekomen

“Vreest God en geeft Hem eer, want de ure van zijn oordeel is gekomen, en aanbidt Hem, die de hemel en de aarde en de zee en de waterbronnen gemaakt heeft.” Op 14:7

Daniel ziet in een visioen het begin van dit oordeel, Da 7:9, 10: “Terwijl ik bleef toekijken, werden tronen opgesteld, en een Oude van dagen zette Zich neder; zijn kleed was wit als sneeuw en zijn hoofdhaar blank als wol; zijn troon bestond uit vuurvlammen, de raderen daarvan uit laaiend vuur; en een stroom van vuur welde op en vloeide voor hem uit; duizendmaal duizenden dienden hem en tienduizend maal tienduizenden stonden voor hem. De vierschaar zette zich neder en de boeken werden geopend.” Dit onderzoekend oordeel wordt gevoerd op grond van wat in boeken staat geschreven en in aanwezigheid van de hemelse bewoners. Opb 20:12  “En ik zag de doden, de groten en de kleinen, staande voor de troon, en er werden boeken geopend. En nog een ander boek werd geopend, het boek des levens; en de doden werden geoordeeld op grond van hetgeen in de boeken geschreven stond, naar hun werken.”

Het onderzoekend oordeel begint bij hen die het geloof in Christus hebben beleden en Hem hebben aanbeden “die de hemel en de aarde en de zee en de waterbronnen gemaakt heeft.” 1 Petrus 4:17 “Want het is nu de tijd, dat het oordeel begint bij het huis Gods; als het bij ons begint, wat zal het einde zijn van hen, die ongehoorzaam blijven aan het evangelie Gods?”

We zijn niet gered omdat we ons geloof belijden met onze mond en onze naam staat geschreven op de registers van de kerk maar omdat onze naam staat opgetekend in het boek des levens. De Psalmist bidt dat de naam van de goddeloze niet in het boek des levens komt: Psalm 69:28 “Laten zij uit het boek des levens worden uitgedelgd, met de rechtvaardigen niet worden opgeschreven.” Alleen de naam van hen die overwonnen hebben zoals Christus heeft overwonnen staan in het boek des levens. Opb 3:5  “Wie overwint zal zich ook in het wit kleden. Ik zal zijn naam niet uit het boek van het leven schrappen, maar juist voor hem getuigen ten overstaan van mijn Vader en zijn engelen.” Op 3:21 Wie overwint zal samen met mij op mijn troon zitten, net zoals ik zelf overwonnen heb en samen met mijn Vader op zijn troon zit.”

Wat betekent het te overwinnen zoals Jezus overwonnen heeft? 1Jo 5:4  want al wat uit God geboren is, overwint de wereld; en dit is de overwinning, die de wereld overwonnen heeft; ons geloof. Opb 12:11  En zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis, en zij hebben hun leven niet liefgehad, tot in de dood.

Wanneer wij afgestorven aan de zonde leven voor God, wanneer wij volkomen vertrouwen op Zijn Woord en wij afstand doen van alles wat we hebben dan overwinnen wij zoals Hij die een was met de Vader, volkomen vertrouwde op het Woord en gehoorzaam geweest is tot aan de dood van het kruis.


Wanneer in het oordeel de boeken met het verslag van ons leven worden geopend, wordt de levensloop van allen die in Jezus hebben geloofd voor God gebracht. Beginnende bij hen die eerst op de aarde hebben geleefd, brengt onze middelaar (Jezus) de gevallen van elke opeenvolgende generatie naar voor en Hij beëindigd met hen die nog leven. Elke naam wordt vermeld, elk geval nauwkeurig bekeken. Namen worden aangenomen, namen worden verworpen. Wanneer er namen zijn van wie nog zonden vermeld staan in de boeken, zonden waarvan men zich niet heeft bekeerd en waarvoor geen vergeving werd ontvangen, dan zullen deze namen verwijderd worden uit het boek des levens, en het verslag van hun goede daden zal verwijderd worden uit Gods gedenkboek. De Here sprak tot Mozes, “Wie tegen Mij gezondigd heeft, zal Ik uit mijn boek delgen” Ex 32:33.  " Maar wanneer een rechtvaardige zich afkeert van zijn rechtvaardige wandel en onrecht doet, naar al de gruwelen handelt, die de goddeloze bedrijft; Zal hij dan leven? Met geen van zijn rechtvaardige daden zal rekening gehouden worden. Om de ontrouw die hij gepleegd, en om de zonde die hij bedreven heeft, daarom zal hij sterven." Eze 18:24

Allen die zich oprecht van de zonde hebben bekeerd en in geloof beroep hebben gedaan op het bloed van Christus als het offer van hun verzoening, hebben naast hun namen in de hemelse boeken het woord vergeving staan; zij zijn deelachtig geworden aan de gerechtigheid van Christus, en hun karakter werd bevonden in harmonie te zijn met Gods wet, hun zonden zullen uitgedelgd worden, en zij zullen waardig geacht worden om deel te hebben aan het eeuwig leven (Great Controversy, p. 483).

“Ik, Ik ben het, die uw overtredingen uitdelg om Mijnentwil en Ik gedenk uw zonden niet.” Jes 43:25

“Komt dan tot berouw en bekering, opdat uw zonden uitgedelgd worden, opdat er tijden van verademing mogen komen van het aangezicht des Heren, en Hij de Christus, die voor u tevoren bestemd was, Jezus, zende”  Hand 3:19

Beste vriend, het is mogelijk dat Jezus morgen al voor jou terugkomt. Het leven kan elk moment gedaan zijn. Stel daarom niet uit wat God vandaag voor jou wil doen.

“Daar wij nu deze beloften bezitten, geliefden, laten wij ons reinigen van alle bezoedeling des vlezes en des geestes, en zo onze heiligheid volmaken in de vreze Gods.” 2 Cor 7:1

“In het vijfentwintigste jaar van onze ballingschap, in de aanvang van het jaar, op de tiende der maand, in het veertiende jaar, nadat de stad was gevallen, op diezelfde dag, was de hand des HEREN op mij en Hij bracht mij daarheen:  in gezichten Gods bracht Hij mij naar het land van Israël en zette mij neer op een zeer hoge berg; daarop was iets als een stad gebouwd aan de zuidzijde…Toen Hij mij daarheen gebracht had, zie, daar bevond zich een man, die er uitzag als was hij van koper, met een linnen snoer en een meetroede in zijn hand…“Hij sprak tot mij: Dit vertrek met de voorzijde op het zuiden, is voor de priesters die in de tempel dienst doen, en het vertrek met de voorzijde op het noorden, is voor de priesters die bij het altaar dienst doen; en wel de zonen van Sadok, die uit de zonen van Levi tot de HERE naderen om Hem te dienen…Daarna mat hij de voorhof; de lengte was honderd el en de breedte honderd el, een vierkant; en het altaar stond voor het huis.
Toen bracht hij mij naar de voorhal van het huis en mat het muurvlak van de voorhal, vijf el aan weerszijden, en de breedte van de poort, drie el aan weerszijden…. En hij mat het huis; de lengte was honderd el; en ook van het plein met het bouwwerk en zijn muren was de lengte honderd el… Toen hoorde ik Hem uit de tempel tot mij spreken, terwijl de man naast mij stond, en Hij zeide tot mij: Mensenkind, dit is de plaats van mijn troon en de plaats mijner voetzolen, waar Ik wonen zal onder de Israelieten tot in eeuwigheid; het huis Israels zal mijn heilige naam niet meer verontreinigen.” Ezechiël 42, 43

“En mij werd een riet gegeven, een staf gelijk, met de woorden: Sta op en meet de tempel Gods en het altaar en hen, die daarin aanbidden.” Op. 11:1

De bovenstaande teksten geven een beeld van het werk dat plaatsvindt tijdens het onderzoekend oordeel. Iedereen wordt gemeten in al zijn doen en laten om te zien of hij kan staan in de dag van Gods komst. De diepste gedachten en motieven worden door God blootgelegd. Jer 17:10  “Ik, de HERE, doorgrond het hart en toets de nieren, en dat, om aan een ieder te geven naar zijn wegen, naar de vrucht zijner daden.”

Wij zijn niet in staat onszelf te meten. “Al iemands wegen zijn rein in zijn ogen, maar de HERE toetst de geesten.” Spreuken 16:2

Daarom is het goed te bidden met de woorden van de psalmist:
Ps 139:23 Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart, toets mij en ken mijn gedachten; zie, of bij mij een heilloze weg is, en leid mij op de eeuwige weg.” En dit te doen in de geest van Paulus, Flp 3:7  Maar alles wat mij winst was, heb ik om Christus‘ wil schade geacht. Flp 3:8  Voorzeker, ik acht zelfs alles schade, omdat de kennis van Christus Jezus, mijn Here, dat alles te boven gaat. Om zijnentwil heb ik dit alles prijsgegeven en houd het voor vuilnis, opdat ik Christus moge winnen."

Hij die “ons bestemd heeft tot gelijkvormigheid aan het beeld zijns Zoons.” Rom 8:29 doet alles wat nodig is om dit te verwezenlijken.
Laten we Hem danken voor het meetwerk.

“Het komt immers niet aan op wat de mens ziet; de mens toch ziet aan wat voor ogen is, maar de HERE ziet het hart aan.” 1 Sam 16:7

Wij hebben de neiging onszelf te vergelijken met onszelf of met anderen maar de vraag die telt is, “zijn onze harten in harmonie met de God des hemels?” Het enige juiste antwoord die we kunnen krijgen op die vraag is van God zelf, want: “Gij doorgrondt en kent mij; Gij kent mijn zitten en mijn opstaan, Gij verstaat van verre mijn gedachten; Gij onderzoekt mijn gaan en mijn liggen, met al mijn wegen zijt Gij vertrouwd.” Psalm 139:1-32  Welk doel hebben wij in ons leven? Een Christen kan maar één doel hebben en dat is: gelijkvormigheid aan het beeld van Jezus (Rom 8:29). Het is in dit verlangen en het besef van onze absolute onmacht dat we bidden: “Toets mij, HERE, en beproef mij, keur mijn nieren en mijn hart.” Psalm 26:2 De Here zal ons geen lijst zenden met onze goede en minder goede punten.

“God test en beproeft Zijn volk, en velen zullen de test van hun karakter niet doorstaan. Velen zullen ernstig moeten werken om hun bijzondere karaktertrekken te overwinnen en zonder vlek of rimpel; onberispelijk voor God te staan”(1 Testimonies, p. 533). Indien wij bereid zijn om dit proces te ondergaan dan zal niets onheiligs ons blijven aankleven. Als wij in het licht van Zijn tegenwoordigheid leven verdwijnt alle duisternis.

“Want er is niets verborgen, dat niet aan het licht zal komen, en niets geheim, dat niet zal bekend worden en aan het licht komen.” Lucas 8:17

Iemand die onvriendelijk is in zijn gezin kan de kerk voor de gek houden door zich enkele uren per week vriendelijk te gedragen maar zijn vrouw en kinderen weten beter. Iemand die onreine gedachten koestert kan zich naar buiten toe als een heilige voordoen maar God weet beter. Gods wet gaat dieper dan het uiterlijke; “En ik zeg zelfs: iedereen die naar een vrouw kijkt en haar begeert, heeft in zijn hart al overspel met haar gepleegd.” Matt 5:28

“De wet van God neemt notitie van de jaloersheid, afgunst, haat, boosaardigheid, wraakzucht, lust, en ambitie die in de ziel leven maar niet tot uitdrukking zijn gekomen in zichtbare handelingen omdat de gelegenheid zich daartoe niet leende. Deze gekoesterde zondige gevoelens zullen echter op onze rekening komen op de dag waarop God elk werk in het oordeel zal brengen, met alle heimelijke zaken, zowel de goede als de kwade” (1 Selected Messages, 217)

Als er een iets is in het leven waarin we ons niet mogen vergissen dan is het in ons zelf. Daarom,
“Stelt uzelf op de proef, of gij wel in het geloof zijt, onderzoekt uzelf. Of zijt gij niet zo zeker van uzelf, dat Jezus Christus in u is? Want anders zijt gij verwerpelijk.” 2Co 13:5

“Want indien iemand zich verbeeldt, dat hij iets is, en het niet is, dan vergist hij zich zeer. Ieder moet zijn eigen werk toetsen; dan zal hij slechts voor zichzelf stof tot roem hebben en niet voor een ander.” Galaten 6:3, 4   “Indien wij zeggen, dat wij geen zonde hebben, misleiden wij ons zelf en de waarheid is in ons niet.” 1Jo 1:8

God, help ons om alleen naar U te zien en de andere hoger te achten dan ons zelf.
Waarmee zijn wij bezig in deze tijd van het onderzoekend oordeel? Zij die de Here verwachten hebben maar één doel; gelijkvormig worden aan het beeld van Gods Zoon (Rom 8:29).

Op de Grote Verzoendag(Lev 16, 23), een beeld van het onderzoekend oordeel, werd het volk van Israël geroepen tot een bijzondere ervaring. “Gij zult u verootmoedigen en generlei werk doen…Het zal u een volkomen Sabbat zijn.” Lev 16:29-31) Verootmoediging vraagt tijd, tijd met de Heer. Wanneer ons leven een sneltrein is van de ene activiteit, ook godsdienstige,  naar de andere, is er geen tijd om aan de voeten van Jezus te zitten en van Hem te leren. We kunnen geen ernstig onderzoek doen van ons hart dan in de stilte van Zijn aanwezigheid. “Wees stil voor de HERE en verbeid Hem.” Psalm 37:7 “in stilheid en vertrouwen zou uw sterkte zijn.” Jes. 30:15

De Psalmist zegt: “ik verootmoedigde mij met vasten” Ps 35:13 Denk je dat deze bijzondere tijd van het oordeel ook een bijzonder manier van eten behoeft? Daar de Here met ons communiceert door onze hersenen is het belangrijk deze steeds alert te houden. Indien wij toegeven aan onze eet-en-andere-lusten stelen wij energie van onze hersenen en belemmeren de communicatie met God.

De mensen in de dagen van Noach voor de zondvloed waren bedwelmd door al hun activiteiten en eetgewoonten en de Geest van God kon hen niet bereiken. Wij die de Here verwachten moeten ons niet in deze strik laten vangen. Het is zeker Satans grootste inspanning om ons voortdurend bezig te houden met werk, entertainment en sex en onze geest te bedwelmen met een overdaad van voedsel. Dit zijn Zijn sterkste wapenen om ons van tijd met God en Zijn Woord af te houden.

“Opdat de satan op ons geen voordeel mocht behalen. Want zijn gedachten zijn ons niet onbekend.”2Cor 2:11
Laten we ons verootmoedigen en zoeken wat de Here welbehagelijk is en medewerken ten goede van onze reiniging.

“En ik zag een andere engel opkomen van de opgang der zon, hebbende het zegel van de levende God; en hij riep met luider stem tot de vier engelen, aan wie gegeven was aan de aarde en de zee schade toe te brengen, en hij zeide: Brengt geen schade toe aan de aarde, noch aan de zee, noch aan de bomen, voordat wij de knechten van onze God aan hun voorhoofd verzegeld hebben.” Openbaring 7:2, 3

Het zegel van een heerser verklaart wie hij is, wat hij is en wat hem toebehoort; het gebied van zijn autoriteit. Zo doet ook het zegel van de Koning der Koningen;wanneer Hij Zijn zegel plaatst op hen die hun naam hebben staan in het boek des levens dan behoren zij Hem voor eeuwig toe. Het zegel brengt geen verandering in hun toewijding aan God het zegel bevestigt alleen hun toewijding. Dit zegel is geen tastbaar zegel het is een geestelijke ervaring die ons voor eeuwig in de waarheid bevestigt.

Zij die het zegel ontvangen, hebben het werk van Gods Geest niet verhinderd zodat hun verstand en geest één zijn met de waarheid en zij daarvan niet meer afwijken.

Het eeuwig verbond heeft zich in hun leven voltrokken door hun geloof. “Maar dit is het verbond dat ik in de toekomst met het volk van Israël zal sluiten–spreekt de Heer: In hun verstand zal ik mijn wetten leggen en in hun hart zal ik ze neerschrijven. Dan zal ik hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn.” Heb 8:10

Het geloof in dit verbond heeft hen veranderd naar het beeld van Christus, de wet staat in hun hart geschreven, en dit beeld wordt voor eeuwig bevestigd door het zegel Gods. Het zegel verandert niets aan het karakter; het zegel is een bevestiging van het karakter dat door het werk van de Geest in ons leven is bekomen en de volheid van Gods Geest wordt hen gegeven voor eeuwig en altijd.

Velen vergissen zich en denken dat de Here hen bij Zijn komst zal veranderen en geschikt maken voor Zijn koninkrijk. Maar Gods Woord zegt: “Daarom, gelijk de Heilige Geest zegt: Heden, indien gij zijn stem hoort,verhardt uw harten niet, zoals bij de verbittering, ten dage van de verzoeking in de woestijn,waar uw vaders Mij verzochten door Mij op de proef te stellen, hoewel zij mijn werken zagen, veertig jaren lang; daarom heb Ik een afkeer gekregen van dit geslacht en Ik heb gezegd: Altijd dwalen zij met hun hart, en zij hebben mijn wegen niet gekend, zodat Ik gezworen heb in mijn toorn: Nooit zullen zij tot mijn rust ingaan!” Heb 3:8-11

Zij die zich nu niet laten reinigen en vasthouden aan wat de Here niet welgevallig is zullen bij Zijn komst zeggen: “Voorbij is de oogst, ten einde de zomer, en wij zijn niet verlost!” Jer. 8:20

Daarom zegt de Heer tot ons: “Wast u, reinigt u, doet uw boze daden uit mijn ogen weg; houdt op kwaad te doen; leert goed te doen, tracht naar recht, houdt de geweldenaar in toom, doet recht aan de wees, verdedigt de rechtszaak der weduwe. Komt toch en laat ons tezamen richten, zegt de HERE; al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw; al waren zij rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol. Als gij gewillig zijt en luistert, zult gij het goede des lands eten; maar als gij weigert en weerspannig zijt, zult gij door het zwaard worden verteerd, want de mond des HEREN heeft het gesproken.” Jes 1:16 – 20

Terug Pagina 1